Is een kortere verkiezingsprocedure toegestaan?

Ik krijg nog al eens, meestal tijdens een klus, tussen neus en lippen door een vraag over verkiezingen voorgelegd. Vooral de vraag of die periode van 13 weken niet wat korter kan. En in principe is dat sinds 2013 inderdaad het geval.

De procedure zoals die in de meeste reglementen is beschreven, en zoals die in wezen nog steeds in het voorbeeldreglement van de SER staat, is gebaseerd op de spelregels uit de tijd dat een vrije lijst handtekeningen nodig had. Uitgangspunt was toen namelijk dat iemand niet zichzelf kandidaat stelde, maar dat dit door anderen werd gedaan. Ofwel een vakbond, ofwel door een derde van het aantal werknemers die geen lid waren van een vakbond die kandidaten had gesteld. Pas als de bonden hun lijsten hadden ingediend was bekend welke bonden dat waren en kon worden vastgesteld hoeveel handtekeningen nodig waren om een vrije lijst in te dienen en door wie die vrije lijst mocht worden ondertekend. Bovendien is daarbij met opzet enige ruimte gecreëerd om partijen de kans te geven hun lijst in alle rust op te stellen en in te dienen.

In 2013 is de WOR op dit punt aangepast. Nu mogen vakbonden kandidatenlijsten indienen en kunnen ongeorganiseerden zichzelf kandidaat stellen. Alleen vakbondsleden die niet op de vakbondslijst kunnen of willen staan kunnen niet zichzelf kandidaat stellen maar moeten dat door een niet-vakbondslid laten doen. Zoals een toelichting in het SER voorbeeldreglement stelt is nergens verboden dat de kandidaatstellingsperiode voor vakbonden en vrije lijsten gelijk lopen. De praktische reden om dat niet gelijk te laten lopen is vervallen. Dus door die twee samen te laten vallen is aardig wat tijd te winnen.

Tijdwinst boeken door eenvoudig het aanschrijven van de vakbonden over te slaan is niet aan de orde. De vakbonden moeten altijd uitgenodigd worden om kandidaten te stellen. Zij hebben dat wettelijk recht (als ze leden hebben in de onderneming) en moeten dat uit kunnen oefenen. Aangezien werknemers niet verplicht mogen worden op te geven dat ze vakbondslid zijn en omdat daar op grond van de AVG ook geen registratie van mag worden bijgehouden bestaat nou eenmaal altijd de mogelijkheid dat er toch leden zijn al is niet bekend wie.

Welke bonden aangeschreven moeten orden hangt af van de sector. Als er een CAO is dan kan je je meestal beperken tot de bonden die bij die CAO betrokken zijn. En in elk geval zou ik de betrokken bonden van FNV en CNV uitnodigen.

Ook de periode tussen vaststellen van de verkiezingsdatum datum (13 weken van te voren volgens het SER reglement) en het moment dat de lijst van kiesgerechtigde en verkiesbare werknemers bekend gemaakt moet worden en dat de bonden aangeschreven moeten worden (9 weken van te voren) kan ingekort. Die termijn van 4 eken staat al sinds mensenheugenis in het SER voorbeeldreglement. Dat stamt nog uit de tijd dat de personeelsadministratie op systeemkaartjes in kaartenbakken stond en het opstellen van de lijst handmatig moest gebeuren. In een geautomatiseerd personeelsinformatiesysteem is het opstellen van de lijst een fluitje van een cent.

Wat is nu het snelste wettige tijdpad?

Termijnen moeten zodanig zijn dat het mogelijk is om alles te doen dat gedurende die termijn gedaan moet worden. Als ik het SER reglement volg in omgekeerde volgorde kan dat als volgt ingekort.

  1. Twee weken voor de verkiezingsdatum bekend maken van de kandidatenlijsten. Dit is gelijk aan de termijn in het SER reglement (artikel 8 lid 3). Het geeft werknemers 2 weken de tijd om na te denken over de vraag op wie ze willen stemmen en het geeft kandidaten 2 weken om campagne te voeren. Inkorten van deze termijn lijkt mij niet wenselijk.
  2. Uiterlijk 3 weken van te voren inleveren van de kandidatenlijsten. Ook dit is gelijk aan het SER reglement (artikel 7 lid 3). Dan heeft de verkiezingscommissie 1 week de tijd om te beoordelen of de lijsten geldig zijn en hebben de indieners eventueel nog tijd om onvolkomenheden te repareren. Ook hier lijkt inkorten mij niet wenselijk.
  3. Uiterlijk 7  weken van te voren bekend maken van de lijst met kiesgerechtigde en verkiesbare personen. Het is nergens verboden om de kandidaatstellingsperiode voor de bonden gelijkte laten lopen met die voor de vrije lijsten. De noodzaak die daar vroeger wel voor was (bepalen van het aantal benodigde handtekeningen voor een vrije lijst) is vervallen. Het SER reglement gaat nog steeds uit van een schema dat neer komt op het 9 weken van te voren bekendmaken van de lijst van kiesgerechtigde en verkiesbare personen, het tot 6 weken van de voren indienen van vakbondslijsten, (1 week om het aantal handtekeningen voor een vrije lijst vast te stellen) en van 5 weken van te voren voor het indienen van vrije lijsten. De kandidaatstellingsperiode in het SER reglement beslaat dus 6 weken en kan naar mijn idee tot 3 à 4 weken teruggebracht.
  4. Uiterlijk 8 weken van te voren aankondigen van de verkiezingen. Het SER reglement gaat uit van 13 weken. Het enige dat volgens het SER reglement in de periode van 4 weken tussen de bekendmaking van de datum 13 weken van te voren tot 9 weken voor de verkiezingen moet gebeuren is het opstellen van de lijst met kiesgerechtigde en verkiesbare personen. Dat kan vast in minder dan 4 weken. Ik ga er van uit dat 1 week genoeg is.

De hele periode zoals het SER reglement die hanteert kan daarmee van 13 weken naar 8 weken worden teruggebracht. (Disclaimer: dit is mijn interpretatie van wat redelijke termijnen zijn. Ik kan natuurlijk niet uitsluiten dat een kantonrechter daar anders over denkt.)

Een en ander moet natuurlijk wel van te voren goed in het reglement worden opgenomen, waarbij de ondernemer de kans moet krijgen een reactie te geven. Toestemming van de ondernemer is niet nodig. Als die het er niet mee eens is kan hij hooguit de kantonrechter om een uitspraak vragen.

En tot slot: Aanpassing van het reglement in deze zin kan pas toepassing vinden bij de eerstvolgende algemene verkiezingen. Aanpassing van het reglement voor tussentijdse verkiezingen is niet toegestaan.

Artikel 6 eerste lid van het voorbeeldreglement komt dan te luiden: De Ondernemingsraad bepaalt na overleg met de ondernemer de datum van de verkiezingen, alsmede de tijdstippen van aanvang en einde van de stemming. De secretaris van de Ondernemingsraad doet van een en ander mededeling aan de ondernemer, aan de in de onderneming werkzame personen en aan de werknemersorganisaties. Tussen het doen van deze mededeling en de datum waarop de verkiezing wordt gehouden, liggen ten minste acht weken.  
Artikel 7 komt dan te luiden: Uiterlijk zeven weken voor de verkiezingsdatum stelt de ondernemingsraad een verkiezingsregister op en neemt daarop op de in de onderneming werkzame personen die op de verkiezingsdatum kiesgerechtigd, respectievelijk verkiesbaar zijn. De ondernemingsraad bericht alle in de onderneming werkzame personen dat het verkiezingsregister is opgesteld. Kandidaatstelling geschiedt door indiening van een lijst van een of meer kandidaten bij de secretaris van de ondernemingsraad. Deze verstrekt een gedagtekend bewijs van ontvangst op naam van degene die de lijst heeft ingediend. Tot uiterlijk drie weken voor de verkiezingsdatum kunnen werknemersorganisaties en niet vakbondsleden kandidatenlijsten indienen. Bij elke kandidatenlijst wordt van iedere daarop voorkomende kandidaat een schriftelijke verklaring overgelegd dat deze de kandidatuur aanvaardt. De naam van een kandidaat mag slechts op één kandidatenlijst voorkomen.